(Systemische blog, 2018)

 Toen mijn tweede kind werd geboren, zat ik zelf al te lang op mijn grens. Een baan in de overbelaste jeugdzorg deed een groot beroep op mijn verantwoordelijkheidsgevoel, ik sliep slecht en bleef doorgaan, terwijl mijn lichaam signalen gaf. Mijn pasgeboren zoon huilde veel en was vaak ontroostbaar. Onderzoeken leverden niets op, tot het besef bij mij binnenkwam: Hij droeg mee wat ik zelf niet wilde voelen.

Ik zag voor het eerst in mijn leven zó letterlijk welk effect mijn manier van leven had. En hoe nauw mijn welzijn en dat van mijn kind met elkaar verbonden waren. Pas toen ik zelf bewuster werd van mijn stress, ging vertragen en naar mijn signalen ging luisteren, ontstond er bij hem ook weer ontspanning. Dat moment werd voor mij het begin van een andere beweging: Bewust met aandacht naar mijn lijf en emoties, naar de overtuigingen die daaraan ten grondslag lagen. Van onderzoek naar patronen die nog onzichtbaar waren en hoe energie stroomt, naar vormen van ontspanning vinden die bij mij paste, verantwoordelijkheid nemen voor wat van mij was en loslaten wat niet van mij was.

Als wij onze ‘rommel’ niet opruimen doen onze kinderen dat. 

Kinderen zijn de alarmlichtjes van de familie, schrijft Indra Torsten in zijn boek ‘gezonde verhoudingen’. Wanneer wij onze ‘rommel’ niet opruimen, gaan onze kinderen dat voor ons doen. Ze hebben geen keus. Zo zijn de wetten nu eenmaal geschreven. We staan niet los van elkaar, we zijn binnen onze familie (en ook binnen andere systemen) zelfs veel meer met elkaar verbonden dan we vaak vermoeden. 

Door binding en loyaliteit dragen we alles wat binnen de familie onverwerkt is gebleven met ons mee. Het kind volgt dat vanuit de magische, blinde (onbewuste) liefde. Daarachter ligt een diepe behoefte om erbij te horen. En hoe hoor je er beter bij dan op je ouders of grootouders te lijken? In geluk en ongeluk. Het kind dat onbewust zijn ouders zo dankbaar is voor het ontvangen leven, zal alles doen om zijn ouders gelukkig te zien. Al betekent dat zijn eigen ongeluk. 

Soms is bepaald gedrag moeilijk te verklaren. Zo kan een structureel boos kind nog verbonden zijn met een gekwetste vader of moeder. Of kan een puber die geen hulp wil, zijn ouder die zijn/haar kop in het zand steekt volgen. Liggen kinderen met elkaar in de clinch? Grote kans dat er bij ouders niets gedaan wordt aan relatieproblemen. 

Kinderen zijn afgestemd op de onderlaag van hun ouders. Dat wil zeggen dat zij veel meer zien en voelen dan wat we als ouders zeggen en doen. Simpel gezegd: als je ziet dat je kind terugkerend probleemgedrag heeft of lijdt, op wat voor manier dan ook, dan kan er een verstoring in het systeem zijn dat om aandacht vraagt. Dan weet je dat er bij jou (je partner, broers, zussen) of misschien bij de generatie boven je nog iets dient te worden opgelost.

Zo leiden problemen bij kinderen of bij opvoedthema’s uiteindelijk naar jezelf en naar wat jij te helen hebt. En wát een goed nieuws is dat! Zo kun jij het probleem aanpakken en je kind vrijmaken om onbezorgd te leven! 

Wil jij kijken naar de werkelijke oorzaak van het gedrag van jouw kind of naar waarom de het opvoeden moeizaam gaat? Met een (opvoed)opstelling krijg je inzicht in het krachtenveld van jouw familie en hoe jij en je kind daarbinnen functioneren. Ik help je (individueel) heel graag verder, bekijk mijn aanbod.

Merel